Invertaris Johannes van Belois

 

Inventaris van de nalatenschap van Johannes van Belois, molenaar te Wemeldinge.

 

Op heden den zeven en twintigsten November achttien honderd zes en zeventig des morgens ten tien ure ten verzoeke van den eerzamen Adriaan Dominicus Jacobuszoon, wethouder van en inwonende in de gemeente Wemeldinge, aan mij Notaris bekend in kwaliteit van Curator over Pranke van Belois zonder beroep aldaar en in tegenwoordigheid van Adriaan van Belois, arbeider wonende in de gemeente ’s Heer Arendskerke, mede aan mij Notaris bekend in kwaliteit van toeziende Curator over evengenoemden Pranke van Belois tot die betrekking even als de Curator benoemd en aangesteld door de Heer Regter van het Kanton Goes, blijkens dezelfde geregistreerd procesverbaal van den zevenden dezer maand.

Zijnde genoemde Pranke van Belois ter zake van onnozelheid onder curatele gesteld door de Arrondsement regtbank zitting houdende te Goes blijkens derselver vonnis van den achtsten juli jongstleden naar behooren geregistreerd en aangenoemden Pranke van Belois beteekend door de Deurwaarder bij die Regtbank Cornelis Bouten de Jongh den dertienden derzelfde maand, wordt door mij Adriaan Kakebeeke Jacobszoon, Notaris resideerende te Goes, hoofdplaats van het tweede judicieel arrondisement der provincie Zeeland, Koninkrijk der Nederlanden in tegenwoordigheid van de heeren Izaak Jannes Paardekooper, Candidaat Notaris en Samuel Jacobus Johannes de Jonge Muloek Houwer, particulier, beiden wonende te Goes, aan mij Notaris bekend als getuigen daartoe verzocht.

Ter voldoening aan de bepalingen der wet en tot bewaring der Regten van Partijen en van alle anderen welke daarbij eenig belang zouden kunnen hebben.

Ten woonhuize van meergenoemden Pranke van Belois hetwelk tevens het sterfhuis is van zijnen vader Johannes van Belois, staande in de gemeente Wemeldinge, gemerkt C numero 55 overgegaan tot de beschrijving en Inventarisatie van al de goederen, middelen en effecten, titels en papieren, contante penningen in en uitschulden en van al hetgeen aan evengenoemden Pranke van Belois is behoorende.

Wordende alvorens tot die beschrijving over te gaan alhier gerelateerd.

Dat de in dezer meergenoemden Pranke van Belois, eenig kind en algehele erfgenaam bij versterf is van wijlen Johannes van Belois, in leven Korenmolenaar, gewoond hebbende en overleden in de gemeente Wemeldinge, den twee en twintigsten maart achttien honderd zes en zeventig en van zijne den vijftienden mei achttien honderd twee en zestig aldaar overleden echtgenote Pieternella Jacobusse de Groene, wier boedels en nalatenschappen gemeen en onverdeeld zijn gebleven.

Dat genoemde Johannes van Belois in het jaar achttien honderd vier en zestig in het huwelijk is getreden met Cornelia van Liere.

Dat blijkens huwelijkscontract den vijfden februari achttien honderd vier en zestig ten overstaan van den te Goes geresideerd hebbende Notaris, Andries Smallegange, verleden naar behooren geregistreerd tussen gemelden Johannes van Belois en Cornelia van Liere is bepaald dat er tussen hen geene gemeenschap noch algeheele, noch van winst en verleis noch van vruchten en inkomsten zal bestaan, alle welke gemeenschap door hen uitdrukkelijk is uitgesloten dat partijen niet zullen gehouden noch aansprakelijk zijn, de een voor des anderen’s schulden zoo voor als staande huwelijk gemaakt, maar deze zullen moeten gedragen worden door die geen die dezelve gemaakt heeft.

Dat de overledene Johannes van Belois heeft verklaard ten huwelijk aan te brengen, zoodanige goederen als aan hen in gemeenschappelijken eigendom toebehorenden met zijnen zoon Pranke van Belois meergenoemd.

Terwijl genoemde Cornelia van Liere alleenlijk ten huwelijk heeft aangebragt hare kist met klederen en ongemunt goud en zilver ter waarde van vijftig gulden, de welke door haar in natura zijn teruggenomen zoodat deswegens niets meer uit te keeren of verschuldigd is en dat dit huwelijk kinderloos is gebleven.

Geschiedende deze beschrijving op aangifte van voornoemde Cornelia van Liere, particuliere ten sterfhuis te Wemeldinge woonachtig en aan mij Notaris bekend, doch zonder taunatie der daartoe behoorende roerende en onroerende goederen, uithoofde van het voornemen over een gedeelte der roerende goederen ingebruik bij den onder curatele gestelde te laten en het resterende gedeelte daarvan, even als den korenmolen met daarbij staand woonhuis en erve en bouwland publiek te verkoopen en de overige onroerende goederen eigendom van den onder curatele gestelde te laten en is deze beschrijving geschied als volgt.

Baten

Afkomstig van den gemeenschappelijken boedel van den overledenen Johannes van Belois en diens voor overledene eerste echtgenote Pieternella Jacobusse de Groene, bestaande uit:

 

Onroerende goederen

Eerstelijk: Een woonhuis, schuur erve en boomgaard staande en liggend in voornoemde gemeente Wemeldinge in Kerkhoek, kadastraal bekend Sectie B numero

500, weiland een hectare dertien aren vijf en twintig centiaren                                1   13 25

501, huis, schuur en erf drie aren en vijf en zestig centiaren                                   0   03 65

Zamen ter inhoudsgrootte van 1 hectare, zestien aren, negentig centiaren               1   16 90

Ten tweeden: De steenen windkorenmole, woonhuis, bouwland en erve staande en liggende in evengenoemde gemeente Wemeldinge in den Oosthoek kadastraal bekend Sectie C numero 957, huis, korenmolen en erf twaalf aren dertig centiaren                                                                                  0   12 30

958, bouwland, een en dertig aren vijf en veertig centiaren                                                                                                                                                                                                    0   31 45

Zamen ter inhoudingsgrootte van drie en veertig aren vijf en zeventig centiaren                                                                                                                                                                       0   43 74

En ten derden: Een hectare twee en negentig aren grond aldaar in den hoek achter Deurloo gelegen kadastraal bekend Sectie C numero…

413, bouwland, een hectare zeven en vijftig aren zestig centiaren                             1   57 60

414, weiland vier en dertig aren veertig centiaren                                                    0   34 40

Zamen ter voorschrevene grootte van een hectare twee en negentig aren                 1   92 00

Zijnde bouwland.

Roerende goederen

In den woonkamer:

Een geschilderde rondetafel op een poot met rood tafel kleed.

Een geschilderde chifoniere, de matten op de vloer en carpet en twee vloerkleedjes.

Een mohoniehouten ladetafel met lessenaar.

Een ijzeren doofpot, een kastklok, een geschilderde glazen kast, een barometer, twee schilderijen, een spiegel met bruine lijst, zes stoelen, een dienblad op de lessenaar, een lamp en vier opschikken, daarboven een schilderij.

Op de chifoniere: een pijpenstaander, een lampje, een witte schaal op de glazenkast, zes bruine kommen, daarin bovenste boord, twee witte borden met groene randen, zes gekleurde koppen en schotels, twee porceleinen kommen en drie bekers.

Volgende boord: zes roode borden, twee andere dito, zes porceleinen koppen en schotels, twee bekers en een theepot.

Volgende boord: zes borden in soort, twee bruine melkkannen, een vaas, zes koppen schotels.

Onderin: een schilderij, twee blikken doozen, een mandje met eenig rommel,twee karaffen, inktpot, een tabakspot, een kurspeldoos, een waterpot, twee figuurtjes, een sauskom, een blad met negen glazen in soort en een groenen sigarenpot, twee glasgordijnen en een bloemhanger.

In de chifoniere: een paar gouden knoopen en een paar zilveren broekstukken, de kleederen van den overledene, zeer weinig in getal, twee beddenlakens in soort, zes kussenslopen, acht servetten en handdoeken.

In de ladentafel: een paar bedsteegordijnen.

In de bedstee: een pluimenbed, een hoofdpeul, twee kussens, driedekens, een paar bedsteegordijnen en een waterpot.

Boven de bedstee: een mandje met appelen en eenig rommel.

In het achterhuis

Een ronde mat en eenig andere en hordetjes, matten, een gordijn voor het raam, een koperen ketel, twee stoven, zes stoelen en een fauteuil met losse kussens, een vierkante tafel en kleedje.

Daarop: een bord, een doosje, een melkkan, twee glazen suikerpotten, drie koppen en schotels, drie kommen, twee messen en zes tinnen lepeltjes.

In de lade: een broodmes en twee andere mesjes.

Aan den haard: een vuurlepel, een hangel, een tang, een ijzeren ketel, een ketting, een handveger.

Op de schoorsteen: een bijbel, een beker, twee zwavelbakken en twee bloempotten.

Aan den zolder: eenig worst en een stukje rookvleesch, een opzegel met bruine lijst en een schilderij.

In de kast: negen borden in soort, twee sauskommen, een koffijpot en comfoor, zes eierdopjes, twee glazaen, drie blikken doozen en een koffijmolen, een melkkan, zes tinnen lepels, zes ijzeren vorken, een mandje,een kruik, een flesch en verder dagelijks gebruik, twee flesschen en een bord.

In de acherkant: eenige boeken en papieren zonder waarde en drie flesschen.

In de bedstede: een pluimen bed, twee dekens, een hoofdpeul, twee gordijnen en een bruine pot.

Daarboven: eenig aardewerk.

In het portaal

Een trogkrabber, een koekeschop, een handveger, een blik, een kleedje en een oliekan.

Op het bovenste boord: een tinnen kan, een petreoleumtoestel, twee koperen schenkketels en een dito kookketel, een flesch, twee melkkannen en een mes.

In den kelder

Eenig aardenwerk in roomkleur, eenig spek en varkensvleesch.

In den schuur

Een bank en eenig rommel, eenige mustaard en raamhout, een zeis, een rijf, een vork,een bagge, een mand en twee maten, een zaagshoofd en eenige turven, een kam, een borstel, een griep en een mesthaak.

Op den zolder

Een schilderij,een kleerkist,eepluimen bed, een hoofdpeul, twee kussens, twee oude stoelen, eenige flesschen, twee stoven, een koolbak, een schop, een kagchel, een dop, een geschilderd kastje, een lantaarn, een spekkist en een aardappelzeef.

In het waschhok

Twee tobben en een waschbank, een keulsepot, twee blikken emmers, een koperen putketel, twee ijzeren pannen, een hangijzer, een ijzeren ketel, een blauwe pan en deksel, een borstel, een luiwagen en eenige kruiken, flesschen en aardewerk, twee spekpannen, een zeeft en houtenlepel.

Op de erve

Een waterton, een blikken emmer en twee teelen, eenige oude steen, eenige mustaard, eenige rommel en brandhout, een rijf en blikken emmer.

In het wagenhuis

Eenig raamhout en mustaard, een windmolen, een wagen, een ploeg, twee eegden, een sleper, een steekwagen, eenig harnas en paardentuig, vier geiten, tien varkens in soort, zeven hoenders, een snijbak, een mand, eenig timmerhout, een hekken, een sleepbord, drie hoepels, twee mest planken, eenig rommel en touwwerk.

Op de erve: een slijpsteen, eenig mest en ook het mest in den mestput, een hoop mangelwortels en eenige planken.

In de kamer op de molen

Matten op den vloer en carpet, de gordijnen voor de glazen, zes stoelen, twee tafels metkleedjes, een kastklok, een eikenhouten kabinet,

Daarop: vier vazen, twee bekers, een geschilderde ladetafel, daarop een liciferspot en vijf opschikken.

In de kast: drie melkkannen, een stramijn, een ballon,een melkketel, een theepot, tien glazen in soort, een suikerpot en twaalf borden.

Daarnaast: enige houwen en rijven, een schop, een spade, een handveeger, eenig timmergereedschap, twee paardenkleedjes, een ton, een bakje, een trog en twee meelkistjes.

In de schuur

Achthonderd en vijftig schoven tarwe, acht hectoliters haver, drie hectoliters bruine boonen, drie dito blaauwe moten, het stroo daarvan en eenig kanten klaverhooi en een bruin merriepaard, oud elf jaar.

Op den molen

Twintig graanzakken, twintig baalzakken, zeven hectoliter tarwe en tarwemeel, twee hectoliters rogge en roggemeel, een halve hectoliter paardenboonen, driehonderd vijftig kilogrammen griesmeel, vijfhonderd dito zemelen, eenhonderd en vijftig dito hort, veertig dito rijst, zes en zeventig kambouten en zestig dito, twee koornmaten, twee balansen en houten schalen, eenige ijzeren gewigten, eenige scherphamers, een schop, een pen, lampen, zeeften en dergelijken. Contanten penningen op heden aanwezig ter som van een honderd en zestig gulden, f 160,- en zijnde het overschot der ontvangsten en uitgaven tot heden gedaan.

Onder dat overschot zijn ook begrepen de provenuen van de kersen en andere boomvruchten in dit jaar en onder de uitgaven ook de kosten wegens onder curatele stelling en benoeming curators, hetgeen partijen genoegzaan is gebleken en alhier wordt aangeteekend voor-----

Aanwijzing: Pretensien ten laste van onderscheidenen,wegens geleverd meel en gedaan maalloon in dit jaar en vroeger,als-----

Jacobus Cornelis de Broekert een honderd vier en veertig gulden

en drie en zestig cent                                                                                          f  144,63 

                                                              

Hendrik Christiaan Sauer, tien gulden twintig en een halve cent                          f   10,201/2    

Adriaan Bal, drie gulden en vijftig cent                                                                f     3,50

Pieter Sinke, vier gulden veertien en een halve cent                                            f     4,141/2                                    

Weduwe Plakke, drie gulden een en negentig cent                                              f     3,91                                              

Pieter Huibregtse, zes gulden en vijftien cent                                                     f     6,15 

                                                                                                         

Pieter Hoogesteger, negentien gulden en vier cent                                             f   19,04

Abraham Schipper, zeventig gulden en negentig cent                                          f   70,90

Jozef de Jonge, negen gulden en zeven en veertig cent                                       f     9.47

Jacob Kik, zes gulden en veertien cent                                                                f     6,14

Huibregt van Oosten, twee en twintig gulden en tien cent                                    f   22,10

Jacobus Vlasman, negen en dertig gulden en twee en zestig cent                         f   39,62

Jozias Nijsen, vier en dertig gulden en 10 cent                                                    f   34,10

Anthonie Laven, twintig gulden en twintig cent                                                    f   20,20

Dingenis Jeremiasse, zes gulden vijf en zestig cent                                            f     6,65

Jan Tappegielen, zes en veertig gulden drie en twintig en een halve cent              f   46,231/2

Cornelis Feijtel, dertien gulden vijf en vijftig cent                                                f   13,55

Frans Verbrugge, drie gulden zes en vijftig en een halve cent                               f    3,561/2

Kornelis Dominicus, zeven gulden                                                                      f    7,00

Jan Laurens, een gulden vijftig cent                                                                     f    1,50

Daniël Huisen, dertien gulden                                                                             f   13,00

Jan Marinusse Koole, drie en zestig gulden twee en dertig en een halve cent         f   63,321/2

Weduwe Jan Houtekamer, een honderd negentien gulden en tachtig cent              f 119,80

Marinus de Jonge, een honderd twintig gulden                                                     f 120,00

Rionius Magielse, vier honderd vijf en zestig gulden vijf en tachtig en een

halve cent                                                                                                            f 465,831/2

Jacobus van den Boomgaard, twee honderd vijf en negentig gulden en zestig

cent                                                                                                                     f 295,60

Jan Mieras, twee honderd zes en zeventig gulden zes en zeventig en een halve     

cent                                                                                                                     f 276,761/2

Van IJsseldijk, achttien gulden zeventig cent                                                        f   18,70

Marinus de Vos, dertig gulden vijf en dertig cent                                                   f   30,35

Cornelis de Jonge, zes gulden en dertig cent                                                        f     6,30

Jan van Elsakker, acht gulden en tachtig cent                                                      f     8,80

Florus Felius, acht en zeventig gulden en twintig cent                                            f   78,20

en nog van onderscheidenen sedert den drie en twintigsten dezer maand tot

heden, twee honderd drie en twintig gulden                                                             f 223,00

Zamen, twee duizend een honderd twee en tachtig gulden dertig en een halve

cent                                                                                                                     f 2182,301/2

 

Lasten en Schulden

Aan:

Den heer Jacobus Bentvelsen te Goes wegens geleend geld volgens hypothecaire Obligatie deb drie en twintigsten Maart achttien honderd vijf en zeventig ten overstaan van mij Notaris verleden en kapitaal, achtduizend gulden                                                                                                            f 8000,00

Met interest tegen vijf ten honderd in het jaar daarop verschuldigd sedert den drie en twintigsten Maart jongsleden                                                                                              Memorie

Jacobus Broekert te Wemeldinge wegens gedaan schilderwerk in dit jaar en

vroeger, twee honderd twaalf gulden acht en zeventig cent                                                                                                                                                                                                                   f   212,78

Anthonie Laven, aldaar, wegens gedaan timmerwerk in dit jaar en vroeger

een honderd vijftig gulden en tien cent                                                                                                                                                                                                                                                f   150,10

denzelven wegens geleend geld den negen en twintigsten Maart achtien honderd

zes en vijftig, twee honderd gulden                                                                                                                                                                                                                                                    f   200,00

met interest tegen vijf ten honderd in het jaar daarop verschuldigd sedert

den negen en twintigsten Maart achttien honderd acht en zestig                            Memorie

Jan van Elsakker, gedaan smidswerk in dit jaar, achttien gulden en zestig cent                                                                                                                                                                                   f     18,60

Grondlasten over dit jaar per reste, negentien gulden zes en vijftig cent                                                                                                                                                                                              f     19,56

Patentrecht over dit jaar per reste, elf gulden zes en veertig en een halve cent                                                                                                                                                                                    f     11,461/2

Personele belasting over gelijk tijdvak per reste, elf gulden                                                                                                                                                                                                              f     11,00

Arie van de Visse te Goes, gedaan molenmakerswerk in dit jaar, nog niet bekend   Memorie

Assurantie kosten over dit jaar                                                                                  Memorie

Dirk Krijger, wegens koop van varkens in dit jaar, een honderd zes en dertig

gulden                                                                                                                                                                                                                                                                                              f   136,00

Gilles Houtekamer, deszelfs verdienste alsknecht                                                    Memorie

De bekende lasten en schulden bedragen te zamen, achtduizend zeven honderd                                                                    ___________

negen en vijftig gulden vijftig en een halve cent.                                                                                                                                                                                                                                  f 8759,501/2

Vruchten te velde

Zeventig aren, een en zeventig centiaren tarwe liggende op het land achter Deurloo.

De onder curatele gestelde Pranke van Belois bezit boven en onverminderd de in dezen omschreven baten niets meer dan zijne kleederen, een paar gouden knoopen en een paar zilveren broekstukken, doch geene contante penningen.

Titels en papieren

Copie authentiek van het in het hoofd dezer omschrevene huwelijkscontract tusschen den erflater en de aangeefster gepasseerd. Extract authentiek uit een procesverbaal van openbare veiling en toewijzing den vierden December achttien honderd zes en veertig ten overstaan van den te Goes geresideerd hebbende Notaris Leonardus Lankhorst gehouden, overgeschreven ten kantore van hypotheken te Goes den twintigsten January daarna, in deel een en zeventig numero 65 daarbij Dirk Magielse Zuijdwegt, landman te Wemeldinge aan den erflater heeft verkocht, den boomgaard in Kerkhoek onder Wemeldinge gelegen waarop naderhand de gebouwen door den erflater zijn gesticht.

Copie authentiek eener acte van scheiding den achtsten Mei achttien honderd vijf en veertig ten overstaan van evengenoemden Notaris Lankhorst verleden overgeschreven ten kantore van hypotheken te Goes den drie en twintigsten dezelden maand in deel zes en vijftig numero 52 volgens welke Pieternella de Groene, eerste echtgenote van den erflater is aanbedeeld het hiervoren omschrevene bouwland kadastraal bekend Sectie C numero 413 en 414 en eene onderhandse acte van overdragt den eersten Mei achttien honderd zes enzestig te Goes geteekend onder numero 175 geregistreerd te Goes den eersten Mei achttien honderd zes en zestig deel 34 folio 156 verso vak 5 en volgende twee blad geen renvooi ontvangen regt

F 16,00 en voor 38 opcenten ad f 6,08. Zamen twee en twintig gulden acht cent.

De Ontvanger (geteekend) A. Ruisen en overgeschreven ten kantore van hypotheken aldaar den teeden dezelfden maand in deel twee honderd negen en vijftig numero 85 waarbij Jacobus Janse de Schipper, landbouwer te Wemeldinge aan den erflater heeft overgedragen drie en veertig aren, vijf en zeventig centiaren grond, liggende in de gemeente Wemeldinge, waarop naderhand de molen en verdere gebouwen zijn gesticht.

Aldus geïnventariseerd hebbende tot des avonds ten zes ure is deze inventaris gesloten op de verklaring van de rekwisante aangeefster dat niets meer dezen boedel en nalatenschap betreffende te beschrijven was overgebleven hebbende zij in handen van mij Notaris den eed afgelegd dat zij niets heeft achtergehouden of verzwegen, niets heeft zien achterhouden, versteken of het sarneren noch ook eenige kennis te dragen dat zulks is geschied direct noch indirect en dien volgens hare aangifte opzegt en deugdelijk is, belovende om indien nog iets nader te haren kennis mogt komen hetgeen op dezen inventaris had behooren te worden aangeteekend daarvan getrouwelijk aangigte te zullen doen en te zullen zorgen dat deze daarmede worde vermeerderd en zijnde in dezen beschrevene goederen en waarden gelaten onder haar beheer en bewaring zoals zij erkent belovende dezelfde nader te zullen te voorschijn brengen en verantwoorden daarin waar het zal behooren.

Waarna de rekwisante aangeefster met de curator den toezienden curator en de getuigen benevens mij Notaris hebben onderteekend na gedane voorlezing.

No. 860 Geregistreerd te Goes den Achtentwintigsten November 1800 Zes en Zeventig deel 99 folio 21 verso vak 1, Vijf Bladen geen renvooi, Ontvangen voor regt wegens inventarisatie 2 x f 1,60 = f 3,20 voor 38 Opcenten f 1,22. Zamen Vier Gulden twee en veertig cent

F 4,42

De Ontvanger

A. Ruisen